Lees langzaam. Laat na elke alinea ongeveer tien seconden stilte vallen; bij de langere pauzes ongeveer dertig seconden.
Vind een houding waarin je lichaam niets hoeft vast te houden. Laat je handen rusten. Sluit, als dat prettig voelt, zacht je ogen. [pauze]
Adem rustig in door je neus… en langzaam uit. Nog een keer. Voel hoe de lucht binnenkomt, en hoe je bij iedere uitademing iets minder hoeft te doen. [pauze]
Stel je voor dat boven je een heldere sterrenhemel opent. Niet ver weg, maar om je heen. Ieder lichtpunt beweegt in een eigen, rustig ritme. Je hoeft nergens naartoe. Je bent al aangekomen.
Breng je aandacht naar je voorhoofd. Maak de ruimte rond je ogen zacht. Ontspan je kaken. Laat je schouders een klein stukje zakken. Voel hoe je adem vanzelf verder stroomt. [lange pauze]
Gedachten mogen verschijnen als lichtstrepen in de nacht. Je hoeft ze niet weg te duwen en je hoeft ze niet te volgen. Zie ze komen. Zie ze oplossen. En keer terug naar het eenvoudige gevoel van ademen.
Adem in… ruimte. Adem uit… verzachting. In… ruimte. Uit… verzachting. [lange pauze]
Onder alle geluiden, alle plannen en alle verhalen is een stille ruimte. Die stilte vraagt niets van je. Ze hoeft niet gemaakt te worden. Luister er alleen naar.
Misschien voel je de ondergrond onder je. Misschien hoor je een geluid in de verte. Alles mag onderdeel zijn van dit moment. Er is niets dat je meditatie kan verstoren wanneer alles welkom is.
Laat nu een zachte golf van aandacht door je lichaam gaan. Van je kruin, langs je gezicht en je keel. Door je borst, je buik en je bekken. Langs je benen, tot in je voeten. [lange pauze]
Zeg stil tegen jezelf: ik ben hier. Dit moment is genoeg. Ik hoef nu niets op te lossen. [pauze]
Blijf nog even in deze open ruimte. Gedragen door je adem. Omringd door licht. Rustend in wat er is. [lange pauze]
Breng langzaam wat beweging terug in je vingers en je tenen. Adem iets dieper in. Voel opnieuw de ruimte om je heen. En wanneer jij er klaar voor bent, open rustig je ogen.
Neem de stilte met je mee. Niet als iets dat je moet vasthouden, maar als iets waarnaar je altijd kunt terugkeren.